Evaluatie van crisisoefeningen: Wat mag verwacht worden van de crisisbestrijdingsorganisatie?

Uniformiteit in evaluaties.

Het ministerie van Veiligheid en Justitie streeft naar uniformiteit in de evaluatie van crisisoefeningen, gericht op zowel processen als resultaat. Het heeft daartoe onderzoek laten doen naar evaluaties van nationale en regionale crisisoefeningen. Het onderzoek heeft geleid tot het ‘raamwerk voor het effectief evalueren van crisisoefeningen’.

Evaluaties van oefeningen vormen een onderdeel van het dienstverleningspakket van de Human Factors Adviesgroep. Daarom hebben we het onderzoek en het raamwerk nader bestudeerd. Uiteraard waren we daarbij benieuwd naar de rol van human factors.

De functie van oefeningen

Uit het onderzoek blijkt dat de functie van de oefening bepalend is voor de evaluatie. Daarbij gaat het om de volgende functies:

  • Testen (things that count): het betreft de kritische processen uit het besluit Veiligheidsregio’s die worden getest. Ook voor oefeningen op nationaal niveau. Het doel van deze oefeningen is testen of de crisisorganisatie opgewassen is tegen een crisis.
  • Ontwikkelen (things that matter): deze functie is gericht op dezelfde kritische processen én op competenties van individu of team. Deze oefeningen moeten leer- en ontwikkelpunten opleveren.
  • Oriënteren (things that might matter): bij deze oefeningen gaat het om een eerste verkenning van een crisissituatie of samenwerking met een partner.

Het is dus als eerste stap belangrijk om te bepalen welke functie men aan een oefening wil toekennen.

Evaluatiecriteria

De volgende stap is de ontwikkeling van criteria voor de evaluatie van de oefening. Evaluatiecriteria zijn (beslissende) kenmerken aan de hand waarvan de crisisoefening wordt gewaardeerd. Ze worden gebruikt om te beoordelen wat goed ging dan wel wat beter kan, en vooral ook waarom.

Het onderzoek van het ministerie van VenJ gaat uit van uitkomstcriteria. Oftewel men kijkt naar de resultaten die het oefenproces heeft opgeleverd, ook wel de ‘outcome’ genoemd. Nu wordt in de meeste oefeningen nog uitgegaan van procescriteria, de ‘throughput’ genoemd.

Cyclisch karakter raamwerk evaluatie crisisbestrijding

Opvallend is dat het schema van het raamwerk, dat we hieronder zullen bespreken, een lineair procesbeeld geeft van beschikbare eenheden rechtstreeks naar het voorkomen en beperken van een crisis.

Crisisbestrijding vraagt volgens ons echter juist om cyclische processen. Daarbij moeten alle beslissingen en uitkomsten doorlopend getoetst worden aan wat de crisisorganisatie daadwerkelijk wil bereiken. We zullen daarom eerst het raamwerk zoals door VenJ voorgesteld bekijken en uitdiepen, om daarna aan te geven hoe dit meer cyclisch kan worden gemaakt.

Kritische processen en het ‘raamwerk evalueren crisisoefeningen’

De basis van het raamwerk wordt gevormd door de kritische processen in de crisisbestrijding zoals die in het besluit Veiligheidsregio’s zijn vastgelegd. Deze processen vormen de evaluatiecriteria voor crisisoefeningen.

Eerste kritische proces: melding, alarmering, en opschaling.

Dat is het proces waarin de crisisstructuur in gereedheid wordt gebracht en voorzien van de eerste essentiële beslisinformatie. En waarin de benodigde hulpverlening en relevante functionarissen binnen vastgestelde normtijden worden ingezet op de daartoe aangewezen plaats.

Het tweede kritische proces: informatie managen, leiding, en coördinatie

Bij het managen van de informatiestromen die tijdens de inzet van de crisisorganisatie op gang komen gaat het om:

  • de aard van het incident en de betrokken objecten,
  • de actuele situatie, en
  • de risico’s en de effecten van het incident en de bestrijdingsmogelijkheden.

Deze informatie berust op gegevens die door de operationele diensten worden gecommuniceerd. Ze moeten leiden tot situational awareness[1]. Situational awareness is de basis voor het geven van leiding en het coördineren van de crisisbestrijding.

Wilt u het volledige artikel ontvangen stuur dan svp een mail naar info@hufa.nl.



[1] Situational awareness is de overeenkomst tussen de werkelijke (feitelijke) situatie, en de situatie zoals die door mensen wordt gepercipieerd. Daarbij gaat het om inzicht in wat er aan de hand is, wat er al gebeurd is, wat er staat te gebeuren en de beschikbare opties om de situatie aan te pakken. Een niet op de situatie passende situational awareness leidt tot verkeerde beslissingen en het achterwege blijven van resultaten.

Twitter Facebook Linkedin Google Reddit Tumblr StumbleUpon Pinterest

Leave a Reply